‘Hoe kunnen wij de wijk nog beter leren kennen?’ Dat vroegen Stad in de Maak-medewerkers Liesje en Joris zich af. Daarom gingen ze een weekend logeren in de Westwijk.
“Er werken is één ding, maar wij geloven dat je alleen goed actief kun zijn in de wijk, als je er écht aanwezig bent”, vertelt Liesje. “De leuke interacties met de mensen zijn mij het meeste bijgebleven”, vertelt Joris.
“Op de zonnige zaterdag gingen we eerst langs de ruimte voor leuke dingen voor een kopje koffie. Daarna gingen we snel door naar de Volkstuinvereniging Zuidbuurt, een plek waar Vlaardingers meer dan 100 tuintjes onderhouden. Iemand die we spraken noemde het niet voor niets ‘de longen van Vlaardingen’”, vertelt Joris enthousiast.
Op de oogstmarkt kwamen de twee al snel in gesprek met verschillende bewoners die hun oogst tegen een kleine prijs verkochten: van bijenwas- en honing tot groentepakketjes en zelfs wijn. “De gezellige sfeer en positiviteit over de tuintjes vielen op”, vertelt Liesje. “Met een pakketje groente en gratis (!) zelfgemaakte wijn, gingen we met een warm gevoel weer weg.”
Daarna gingen ze langs het voedselbos richting de Buitenplaats Vlaardingen voor de ‘bosbios’. Op een uitverkocht veld keken ze naar ‘Mamma Mia’. “De hits van ABBA deden iedereen goed, zeker op de silent disco”, vertelt Liesje.
Joris: “In de avond kookten we wat van de groenten die we mee hadden gekregen bij de oogstmarkt en genoten we van de gratis oogstmarktwijn. In het trappengat van onze logeerplek troffen we nog een bewoner die aan het uitverhuizen was. Ondanks het zware verhuiswerk op de zaterdagavond maakte hij nog graag een praatje. Hij was blij dat hij een plek had gevonden in Vlaardingen. Hij wilde hier immers niet meer weg.”
Liesje: “De volgende ochtend genoten we vanaf het balkon van het groen van de wijk. Na een ontbijtje in de ‘ruimte voor leuke dingen’ hadden we een leuk gesprek met collega Erik, een van onze bewoners én de oprichter van de pingpongvereniging. Ook hij sprak positief over de wijk. Waar hij eerder dacht hier maar kort te blijven, begon hij steeds beter te begrijpen wat de wijk zo fijn maakt. Voor ons is dit na één nachtje ook al duidelijker geworden: de mensen maken de wijk. En wat wonen er een fijne mensen in de Westwijk.”