Toen begin oktober het overleg over het overnemen van de twee panden aan de Pieter de Raadstraat zo ver gevorderd was dat we schreven ‘de kop is er af’ hadden we geen moment gedacht dat dit wel eens letterlijk het geval zou kunnen zijn.
Twee weken later was het zo ver – de ondertekening waar we zo lang naar hadden uitgezien. En wie schetst onze verbazing toen we ‘de kop’ daarbij als presentje voor het verse initiatief kregen gepresenteerd (zie foto). Ergens in de krochten van Havensteder heeft Lucia Post nog één van de twee missende ornamenten uit de gevel weten te vinden. Gezien het niet onaanzienlijke gewicht zullen we ‘de kop’ vooralsnog een wat minder hoge plek geven, misschien later wel als boegbeeld voor de werkplaats op de begane grond.
Met de ondertekening is er een lang voorbereidingstraject tot een eind gekomen. En kan nu de start van een 10-jarig project worden gemaakt. Gezien de staat van de panden wordt dat nog een uitdaging – maar daar was het allemaal om begonnen: een alternatief ontwikkelingsmodel dat nieuwe stedelijkheid aan de stad kan toevoegen.
Na een lange zomer van rekenen, plannen maken en onderhandelen is ‘de kop er af’: op 24 oktober ondertekenen we met vastgoed ontwikkelaar Havensteder de overeenkomst voor Pieter de Raadtstraat 35 en 37. Na een initiële noodreparatie zullen we de panden stap-voor-stap opknappen en voor een periode van 10 jaar in gebruik nemen. Daarbij wordt de begane grond in de komende jaren een ‘werkplaats’ om nieuwe lokale vormen van stedelijkheid te produceren. Wat erin de werkplaats geproduceerd wordt kunnen onconventionele ontmoetingen zijn, maar evengoed een co-operatieve keuken, of een maandelijkse autoklusdag. Of liefst allemaal bij elkaar.
Het plan is (zeker gezien het beschikbare budget) nogal ambitieus. Het feit dat de panden voor 10 jaar worden overgedragen is natuurlijk niet zonder reden: er is veel achterstallig onderhoud waar Havensteder op dit moment geen budget voor kan vrijmaken. Om de panden de komende 10 jaar toch voor de stad te behouden, hebben we een plan gemaakt waarbij we de panden van boven naar beneden op een verschillende manier opknappen: de top het meest ingrijpend opgeknapt, de werkplaats op de begane grond op zin ‘rauwst’ gelaten.
Op dit moment maken we de laatste plannen voor de opknapbeurt – maar het lijkt er op dat we in het vroege begin van 2014 de deuren kunnen openen. Voor die tijd hopen we zelf ook in stek in één van de twee panden te hebben gevonden, om van daar uit dit initiatief verder op te kunnen zetten.
Op vrijdag 5 april is de Banier in gebruik genomen door een eerste activiteit: de eerste bijeenkomst van de ontwerpgroepen van 7Seasons.
7Seasons is een project van Rotterdam Natuurlijk!. De groep werkt in de Provenierswijk en Agniesebuurt aan verbetering van de biodiversiteit, onder meer door het inschakelen van actieve bewoners en deskundigen. De drie ontwerpgroepen werken gedurende 2013 elk aan een deel van de wijk: binnenterreinen in de Provenierswijk, de oost-westroute door beide wijken en het luchtspoor (vanaf Heer Bokelweg tot aan snelweg)
Meer over 7Seasons op Facebook.
Hier is het begin. Als alles goed gaat, starten we dit jaar op twee verschillende locaties in Rotterdam Noord het experiment om ongebruikte panden weer een actieve bestemming in de buurt te geven. Als eerste op de Banierstraat, met een fraai hoekpandje dat voorlopig de spil wordt van dit initiatief. En later in het jaar met een dubbelpand in de Pieter de Raadtstraat, waar we ook een fikse ruimte voor publieke activiteiten willen openen.
Het zijn panden die in de afgelopen jaren behoorlijk wat achterstallig onderhoud hebben opgelopen. Toch denken we met een korte zomerkuur zo ver te krijgen dat ze weer aan het Rotterdamse leven kunnen deelnemen. Maar voor het zover is zijn er nog wat bureaucratische horden te nemen. Onder welke contractvorm krijgen we ze in beheer? Hoe maken we een cultureel-initietief-vriendelijke exploitatie zonder meteen een enorm risico op ons te nemen voor de komende 10 jaar? En met wie gaan we de kar trekken?
Ateliers, restaurantje, volkstuinvereniging en fietsenwerkplaats
Banierstraat 62 is een smal en hoog hoekpand in de Provenierswijk naast het Schout Heynricplein. Dit is een van de eerste panden die Stad in de Maak in beheer heeft genomen, dus het kan niet anders dan dat hier in al die jaren al een hoop ‘oefeningen in het delen van ruimte’ zijn ontstaan.
De entree heeft twee blauwe deuren. De linker leidt naar de bovenwoning van drie verdiepingen. Hier vind je op elke verdieping een kunstenaarsatelier. Op de eerste verdieping zit het atelier van Daan den Houter, bekend van de schilderijen die smelten als je ernaar kijkt, zodat het kunstwerk al snel niets meer is dan een herinnering. In zijn atelier staat dan ook een grote vriezer waarin de herinneringen zorgvuldig wachten op een moment om ze te openbaren.
Boven hem zit het atelier van Daan Botlek, die grote muurschilderingen maakt. Tot voor kort zat hier het atelier van Philippa Driest: Phedflip. Zij beweegt met haar kunst tussen maatschappelijke vragen, onderzoek naar andere vormen van organiseren en samenleven en humor. Ook beweegt ze door Stad in de Maak. Ze was de waard van Pension Almonde en organiseerde een Wheelieparade voor de jonge Rotterdammers. Inmiddels runt zij de kiosk, een kritische en radicale boekenwinkel en riso print shop in de meent van de Pieter de Raadtstraat. Op zolder zit beeldend kunstenaar Marcel Brink, die waterspiegels schildert en stencils naar waar formaat, van patatvorkjes tot koffielepels.
Bijzondere benedenwoning
De tweede deur verschaft toegang tot de voormalige benedenwoning. Deze wordt gebruikt als tentoonstellingsruimte en leslokaal voor de Bcademie. Een initiatief van Daan den Houter en Alex Jacobs om de kloof tussen de kunstacademie en het autonome kunstenaarschap te overbruggen. Verder valt het oog meteen op de goed geoutilleerde keuken. Er is een zespitsgasfornuis, een strak betonnen aanrechtblad en een veelheid aan pannen. In de ruimte staan lange tafels met zitbankjes. Je kunt de benedenverdieping huren (www.restaurantjehuren.nl) als je een etentje wilt geven voor een aantal vrienden. De opbrengsten gaan naar de activiteiten die de gebruikers van het pand voor de wijk organiseren.
Die activiteiten vinden vooral plaats op het plein. De schutting van de achtertuin kan opengedraaid worden, waardoor plein en achtertuin één ruimte worden. Aan het plein staat een container die wordt verhuurd aan buurtbewoners met een hobby. Nu is ‘verhuurd’ een groot woord: de fietsenmakers van de ‘Doe-het-zelf-werkplaats’ die er nu in zit, zijn krakers die principieel tegen het betalen van huur zijn. Zij helpen wijkbewoners om zelf hun fiets op te knappen, dus – redeneren zij – betalen ze al in maatschappelijk rendement. Omdat er toch moet worden bijgedragen aan de kosten en het onderhoud van het pand en de gemeenschap, betalen zij (na een interessante mailwisseling) 50 euro per maand aan ‘onkostenvergoeding’.
VTV de Schout. Foto: Frank Hanswijk
VTV De Schout
Naast de container is een moestuin; een verhaal apart. Er staat een hekje met daarachter enkele perceeltjes van om en nabij een vierkante meter. Welkom bij VTV De Schout. Dit is de kleinste volkstuinvereniging van Nederland, een voortvloeisel uit Vereniging de Vereniging van kunstenaar Floris Visser, die vroeger zijn atelier hier op de Banierstraat had. Een vereniging waarvan de leden het nut en de mogelijkheden van het verenigingsleven exploreerden, zonder daadwerkelijke gemeenschappelijkheid in vrijetijdsbesteding, zoals muziek maken, tuinieren of sport.
Deze volkstuin is stiekem een echt Stad in de Maak-project, omdat het geclaimde/gekraakte publieke ruimte is die beschikbaar is gemaakt voor algemeen gebruik van de wijk. Toen de ruimte echt toegeëigend werd door een hek te plaatsen en een poort met de naam VTV De Schout, meldden de Turkse en Marokkaanse vrouwen uit de wijk zich aan om te komen tuinieren. Pas met een hek is een vereniging een vereniging, zo blijkt. Al sinds 2006 wordt deze tuin bijgehouden door vrijwilligers uit de buurt en uit het netwerk van Stad in de Maak.
Marcel Brink in zijn atelier op de Banierstraat. Foto: Frank Hanswijk
Marcel Brink aan het woord:
“We zitten hier nu 6 of 7 jaar en ik vind dat we een leuk dynamisch ding hebben neergezet. Er is veel betrokkenheid met de buurt. Tegelijk is mijn atelier ook echt mijn cocon om te werken als de stad slaapt. Ik werk vaak ’s avonds laat en ’s nachts. Het is de zolder, dus ik moet eerst drie trappen op. Dit voelt als de ladder tot mijn inspiratie.
Beneden runnen we samen Restaurantjehuren.nl. Ik neem de organisatie ervan grotendeels op me. Ik vind het leuk dat het zo’n knipoog naar de kunst heeft: het is geen restaurantwaardige plek, maar je kunt het huren om restaurantje te spélen. Toen corona uitbrak, ging het dicht. Toen kon ik eindelijk doen wat ik wil doen, grote doeken met waterspiegels maken. Die passen niet door het trapgat, dus de benedenruimte werd al snel een verlengstuk van onze ateliers.
Het smaakt naar meer, het lijkt me leuk om in de toekomst de benedenruimte vaker te benutten voor exposities of om groot werk te maken. Ja, die extra werkruimte went natuurlijk snel, maar we zijn weer open hoor!”